donderdag 8 december 2016

Kintsukuroi

Ik ging op bezoek bij mijn oude
ik, legde het hoofd
in mijn warme schoot,
die zoveel had gedragen.

Ik hoorde mijn ruggengraat kraken,
waar ik weemoed bewaar en
rond mijn hals zag ik parels glinsteren
van gestold verdriet.

Ik legde een hand in het haar, fluisterde
tussen mijn benen en andere rimpels
dat ik nooit begrepen heb hoe
mijn lijf zoveel kon harden,

zonder helemaal uit elkaar te vallen
in puin en verleden.
Mijn kind, vertelde ik,
blijf altijd scherven verzamelen

uit herinneringen. Zo lap je op
waar je eerder kapot bent gegaan.
Als de helende kunst
van gebroken stukjes:

krakkemikkig, maar waardevol.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen